Logo
McAfee Secure sites help keep you safe from identity theft, credit card fraud, spyware, spam, viruses and online scams
Contact Us Customer Service Tech Support
Dutch Learning
About Dutch
Dutch Products
Games
Quizzes
Resources
Learn Dutch with Free Software Downloads

Mailing List


Exclusive offers.
Product highlights.
Language updates.
Join our mailng list today!


Take the Dutch Proficiency Test

Transparent Language has provided this Dutch test as a way for Dutch language learners to evaluate their Dutch proficiency. We have based this test on the standard Dutch vocabulary and Dutch grammar that you would find in any Dutch language learning material, so that this proficiency test can measure your command of the Dutch language regardless of your Dutch language learning background. So if you've been learning Dutch, see how well you do!

Transparent Language offers this Dutch language test for self-evaluation purposes only. You may find that your score on this Dutch test is not consistent with other tests you have taken. Transparent Language is solely responsible for the test content.

To start this Dutch test over, press the Reset button.

Part I: Dutch Grammar
Select the best answer.

1.  In deze buurt wonen veel kleine ___________ .
A.  kinder
B.  kinderen
C.  kinden
D.  kind

2.  Marleen houdt van symfonische muziek en kamermuziek, __________ niet van opera.
A.  en
B.  maar
C.  dus 
D.  of

3.  Elk van deze studenten __________ dit jaar zijn diploma behalen.
A.  zal
B.  kunnen
C.  moeten
D.  wordt

4.  Ik heb __________ literatuur over Ierland meegebracht.
A.  enig
B.  enkel
C.  een
D.  wat

5.  Dirk is me nog een aanzienlijke som schuldig, ik hoop dat
hij er deze week eindelijk ___________________.

A.  mee over de brug komt
B.  voor de boeg heeft
C.  de kat uit de boom kijkt
D.  de zaak afrondt

6.  De film begint ____________ een kwartier.
A. over
B.  in
C.  rond
D.  omstreeks

7.  Jaap en Katrien _____________ met de bouw van hun nieuwe huis.
A.  hebben begonnen
B.  zijn beginnen
C.  zijn begonnen
D.  zijn gebegonnen

8.   ____________ je morgenochtend thuis?
A.  Is
B.  Zijn
C.  Bent
D.  Ben

9.
Tot haar grote vreugde heeft mevrouw Van Daan gehoord
_________________________________________________ .
A.  dat haar lievelingshorloge zal toch nog hersteld kunnen worden.
B.  dat haar lievelingshorloge toch nog zal worden kunnen hersteld.
C.  dat haar lievelingshorloge toch nog zal hersteld worden kunnen.
D.  dat haar lievelingshorloge toch nog hersteld zal kunnen worden.

10. Mijnheer De Vos vindt garnaal ______________ kreeft.
A.  zo lekker als
B.  zo lekker dan
C.  even lekker als
D.  even lekker dan

11. Jan, __________ met dat lawaai!
A.  ophoudt
B.  houdt op
C.  hou op
D.  ophou

12. Opa kon   _________ gisteren, _________ vandaag naar buiten.
A.  niet . . . noch
B.  noch . . . noch
C.  noch . . . niet
D.  ook . . . niet

13. Piet is nu  ____________ dan Jan.
A.  grootst
B.  groot
C.  groter
D.  het grootst

14. Die man die tegen me aangebotst is, ___________________.
A.  wil gestolen hebben mijn portefeuille
B.  zal mijn portefeuille gestolen hebben
C.  zult mijn portefeuille gestolen hebben
D.  zal gestolen hebben mijn portefeuille

15. De Heer Van Loon vraagt of u onmiddellijk naar zijn kantoor _______________ .
A.  wou bellen
B.  zult bellen
C.  zal bellen
D.  wilt bellen


Part II: Dutch Grammar
In each Dutch sentence, select the one underlined word or phrase that is incorrect.

1.  Gisteren koopte mijn zoontje, Willem, voor het eerst alleen kleren.
A.  koopte
B.  zoontje
C.  voor
D.  eerst

2.  Weet je wie die boeken meegenomen hebben?
A.  Weet
B.  boeken
C.  meegenomen
D.  hebben

3. 
Marian is vandaag niet thuis, ze is gegaan schaatsen.
A.  is
B.  vandaag
C.  gegaan
D.  schaatsen

4. Mijn moeder heeft de gewoonte om 's ochtends voor het
ontbijt in de buurt wandelen.

A.  om
B.  's ochtends
C.  het
D.  wandelen

5.  De fietser was licht gewond, maar er moest gelukkig geen ziekenwagen te komen.
A.  was
B.  gewond
C.  te
D.  komen

6.  De koningin gisteren heeft een bezoek gebracht aan het geteisterde gebied.
A.  gisteren
B.  gebracht
C.  geteisterde
D.  gebied

7.  In mijn kinderjaren, gingen we altijd naar de Italiaanse
riviera in vakantie.

A.  gingen
B.  altijd
C.  Italiaanse
D.  in

8.  De kat zit de hele dag aan het dak.
A.  zit
B.  hele
C.  aan
D.  het

9.  Piet had makkelijk alleen die opdracht gekund uitvoeren.
A.  makkelijk
B.  die
C.  gekund
D.  uitvoeren

10. Toen het lekker weer is, worden de tafels en stoelen buiten op het terras gezet.
A.  Toen
B.  is
C.  worden
D.  gezet

11. De witte hondje was de weg naar huis kwijt.
A.  De
B.  witte
C.  de
D.  naar

12. Zodra het licht op groen springt, de voetgangers mogen oversteken.
A.  groen
B.  springt
C.  mogen
D.  oversteken

13. Deze trein rijd niet op zondag.
A.  Deze
B.  rijd
C.  op
D.  zondag

14. Zodra het gevroren heeft, heb ik mijn schaatsen aangetrokken.
A.  gevroren
B.  heeft
C.  heb
D.  aangetrokken

15.
Ze zou zeker gekomen zijn, als ze die dag niet ziek is geweest.
A.  zou
B.  gekomen
C.  zijn
D.  is


Part III. Dutch Vocabulary
Select the best answer.

1.  Vanavond organiseert de studentenvereniging een grootse _____________ .
A.  feest
B.  festijn
C.  bal
D.  fuif

2.  Piet beweert dat kroepoek een Japans ___________ is.
A.  maaltijd
B.  schaal
C.  gerecht 
D.  keuken

3.  Heb je die brief van tante Leen nog steeds niet _________?
A.  geantwoord
B.  beantwoord 
C.  verantwoord
D.  verwoord

4.  ____________ je of er hier in de buurt een postkantoor is?
A.  Zeg
B.  Weet
C.  Ken
D.  Kun

5.  ____________ het vliegtuig uit New York met veel vertraging geland was, hebben we de voor vandaag geplande vergadering
met de Amerikaanse direkteur moeten uitstellen tot morgen.

A.  Doordat
B.  Bovendien
C.  Opdat
D.  Niettegenstaande

6.  Voor je een artisjok kan klaarmaken, moet je hem
__________ van zijn harde schil.

A.  opdoen
B.  uitdoen
C.  ontdoen 
D.  overdoen

7.
Tijdens de winter komt iedere trein uit Zagreb ___________
aan met veel vertraging.

A.  nooit
B.  vaak
C.  altijd
D.  elke week

8.  Tijdens zijn onderhoud met de nieuwe klant heeft de verkoopsdirekteur al diens lastige vragen handig kunnen __________ .
A.  omzwaaien
B.  omzeilen
C.  omzomen
D.  omkeren

9.  Mijn broer Tom heeft een grote belangstelling ____________ muziek uit de middeleeuwen.
A.  in
B.  aan
C.  voor
D.  met

10. De verdere ontwikkeling van veel landen in Afrika is _______ aan de schommelingen van de grondstofprijzen.

A.  belangrijk
B.  geschikt
C.  afhankelijk
D.  onderhevig


Part IV. Dutch Reading Comprehension Read the Dutch text and select the best answers for the questions. Romantisch en gastronomisch weekeinde in Kasteel "Het Lindenhof." Klein luxueus hotel, gemakkelijk bereikbaar vanuit de belangrijkste Nederlandse steden, verwelkomt weekeindgasten van april tot oktober. De twaalf kamers hebben elk een privé-badkamer en een zithoek en zijn uitgerust met telefoon en kabeltelevisie. Het ontbijt is bij de prijs inbegrepen.

Het sfeervolle restaurant staat in heel Nederland bekend bij gastronomen. Het menu bestaat voornamelijk uit streekgerechten.

1.  Moet je het ontbijt apart betalen?
A.  het ontbijt wordt op de kamer geserveerd
B.  het ontbijt is bij de prijs inbegrepen
C.  het ontbijt bestaat uit streekgerechten
D.  het ontbijt is heel duur

2. 
Wanneer is het hotel open?
A.  heel het jaar door
B.  in de lente
C.  alle dagen van april tot oktober
D.  tijdens het weekeinde van april tot oktober


De weg naar het Rembrandtplein

Het Rembrandtplein is in ongeveer twintig minuten te voet bereikbaar vanuit het Centraal Station. Loop als eerste de grote straat recht voor het station in, dit is het Damrak. Vergeet onderweg niet even naar links te kijken, want daar staat de prachtige Beurs van Berlage. Volg het Damrak totdat u op de Dam komt, het grote plein voor het Paleis op de Dam. Steek het plein schuin naar rechts over en loop de Kalverstraat in, de belangrijkste winkelstraat van Amsterdam. Volg deze helemaal, tot op het Muntplein. U hoeft dan nog maar een klein stukje rechtdoor door de Regulierbreestraat om op het Rembrandtplein te komen.

3.  Welk gebouw ziet u als u over het Damrak loopt?
A.  Rijksmuseum
B.  Zuiderkerk
C.  Paleis op de Dam
D.  Beurs van Berlage

4. 
Welke straat loopt van het Muntplein naar het Rembrandtplein?
A.  Damrak
B.  Regulierbreestraat
C.  Kalverstraat
D.  Dam


Tuinbouwbedrijf "Van Veen" is gespecialiseerd in het kweken van bloembollen. Met het oog op onze snelgroeiende export naar de Verenigde Staten en de Europese Unie zoeken wij op korte termijn een

Meertalige directiesecretaris/secretaresse

Het takenpakket omvat o.a. :

  • Het behandelen van telefoongesprekken met het buitenland
  • Ontvangst van bezoekers uit het buitenland
  • Het verzorgen van alle correspondentie met het buitenland

Profiel

  • De ideale kandidaat heeft hoger onderwijs gevolgd, ten minste HBO.
  • Hij/zij heeft een goede beheersing van het Nederlands, het Engels, het Duits en het Frans
  • Hij/zij schrijft moeiteloos brieven in deze vier talen
  • Kennis van MS-Word en Excel onder Windows
  • Hij/zij ziet er zeer verzorgd uit
  • Wij zoeken een dynamisch iemand die onafhankelijk kan werken en goed initiatief kan nemen

5.  Welke taak zal de secretaris of secretaresse niet vervullen?
A.  het schrijven van brieven in het Spaans
B.  telefoneren met klanten in de Verenigde Staten
C.  het ontvangen van Duitse klanten
D.  documenten opstellen in MS-Word

6. 
Wat past niet bij de activiteiten van het bedrijf "Van Veen"?
A.  Het bedrijf voert bloembollen uit naar de Verenigde Staten
B.  Het bedrijf exporteert naar Duitsland
C.  Het bedrijf verkoopt tuinbouwmachines aan Frankrijk
D.  Het bedrijf kweekt tulpenbollen


Rembrandt van Rijn werd in 1606 of 1607 in Leiden geboren als zoon van een Molenaar. Hij stier in 1669 in Amsterdam. Hij wordt algemeen gezien als een van de belangrijkste schilders van de Gouden Eeuw, een zeer belangrijke periode in de Nederlandse geschiedenis waarin het land een ongekende economische en culturele groei doormaakte. Er is maar weinig over zijn leven bekend, maar we weten dat hij door zijn ouders op 14-jarige leeftijd in de leer is gedaan bij de Leidse schilder Jacob van Swanenburgh en later nog een korte tijd bij de Amsterdamse schilder Pieter Lastman.

Hij opende zijn eerste eigen atelier in Leiden in 1627, waar hij de eerste paar jaren van zijn carriére door zou brengen. Hier gingen ook de schilders Gerrit Dou en Isaac de Jouderville bij hem in de leer. In 1631 kreeg hij zoveel opdrachten uit Amsterdam dat hij naar die stad verhuisde, om een atelier te openen in het gebouw dat nu bekend staat als het Rembrandthuis en openstaat voor het publiek.

In Amsterdam schilderde Rembrandt tussen 1639 en 1642 ook zijn beroemdste schilderij, de Nachtwacht. Het is een afbeelding van de schutterij van Amsterdam, een groep rijkere burgers die zich hadden verenigd om bij een aanval de stad te verdedigen en om de orde te handhaven. Deze groepen lieten zich vaak vereeuwigen op een schilderij, maar Rembrandt pakte het anders aan dan men gewend was: in plaats van een statig portret, schilderde hij een dynamische groep die net bezig is zich voor te bereiden om eropuit te gaan. Hierdoor is een levendig beeld ontstaan, waarbij de verschillende personen op het schilderij allemaal met iets anders bezig zijn. Tegenwoordig wordt de Nachtwacht als een meesterwerk gezien, maar in de tijd van Rembrandt was men er minder blij mee: zijn vernieuwende stijl zorgde voor een schok en veel leden van de Schutterij waren boos dat ze niet goed te zien waren. Rembrandt kreeg weinig geld voor zijn werk, en toen het doek een aantal jaren later in het stadhuis van Amsterdam werd opgehangen, vond men het zelfs geen probleem om links en rechts een grote strook af te snijden. Nu is men er gelukkig zuiniger op en hangt het op een prominente plaats in het Rijksmuseum in Amsterdam.

7.  Wat weten we niet zeker over Rembrandt?
A.  Wie zijn vader was
B.  Wanneer hij is geboren
C.  Wanneer hij zijn eerste atelier opende
D.  Wanneer hij naar Amsterdam is verhuisd

8.  Bij wie ging Rembrandt als eerste in de leer?
A.  Gerrit Dou
B.  Pieter Lastman
C.  Isaac de Jouderville
D.  Jacob van Swanenburgh

9. Waarom waren de opdrachtgevers niet blij met de Nachtwacht?
A.  Ze vonden de stijl te vernieuwend
B.  Niet iedereen is goed te zien
C.  Iedereen is erop met iets anders bezig
D.  Het is veel te statig

10. Waar hangt de Nachtwacht tegenwoordig?

A.  In het Rembrandthuis
B.  In het Amsterdamse stadhuis
C.  In Rembrandts atelier in Leiden
D.  In het Rijksmuseum in Amsterdam


When you have answered all questions, press the Evaluate button to see your score on this Dutch test.

To start this Dutch test over, press the Reset button.

Dutch Byki Deluxe


Home | About | Products | Languages | Store | Partners | Contact Us | Customer Service | Technical Support

If you have comments about this language learning site, language software, or ways to learn languages, please contact us.
©2009 Transparent Language. All Rights Reserved. www.transparent.com
Please also visit our language websites:
Arabic | Chinese | Dutch | French | German| Hebrew | Italian | Japanese | Learn Latin | Polish | Portuguese | Russian | Spanish | Swedish